Gemeenten onderschatten impact Omgevingswet op organisatie

 

Bron: binnenlandsbestuur.nl

Gemeenten hebben nog weinig aandacht voor de impact die de Omgevingswet heeft op de ambtelijke organisatie en de werkcultuur. Ze benaderen de nieuwe wet voor de leefomgeving vooral instrumenteel en met een ruimtelijk-juridische focus. Experts voorzien dat forse aanpassingen van de organisatiestructuur en –cultuur nodig zijn. Maar de gemeentesecretaris – de functionaris die daarmee aan de slag moet – is nog beperkt betrokken bij de voorbereidingen van de stelstelwijziging.

Veel gemeenten begonnen met implementatie

Dat blijkt uit een enquête onder negentig gemeentelijke professionals (vooral ambtenaren) uit het fysieke domein, die in de maand mei is uitgestuurd door Binnenlands Bestuur in samenwerking met ingenieurs- en adviesbureau Antea Group. Het goede nieuws dat uit de ingevulde vragenlijst spreekt, is dat al veel gemeenten zijn begonnen met het implementatieproces. Met nog bijna drie jaar voor de boeg meldt meer dan de helft (61%) van de ondervraagden dat in hun organisatie een projectleider implementatie Omgevingswet is aangesteld. In veel andere gemeenten zit dat in de planning. Vier op de tien respondenten zegt dat de gemeente al bezig is met een plan van aanpak voor de implementatie, in de meeste gevallen bevindt zich dat in de voorbereidende fase.

Weinig integraal

Tegelijkertijd komen er kritische aandachtspunten naar voren uit het onderzoek. Zo is er nog weinig te zien van de integrale benadering van de leefomgeving, die de Omgevingswet voorstaat. De kar wordt tamelijk eenzijdig getrokken door ambtenaren en bestuurders ruimtelijke ordening. Daarin schuilt een risico, zegt Robert Forkink, strategisch adviseur bij Antea Group, die het onderzoek begeleidde. ‘Ruimtelijke ordenaars kijken vooral vanuit een eigen bril naar integraliteit. Hebben zij, met hun focus op ruimtelijke ordening en milieu, wel voldoende aandacht voor de thema’s die de Omgevingswet nu juist wil betrekken bij beslissingen over de leefomgeving, zoals gezondheid en het sociale domein?’

Instrumentele benadering

De dominantie van de ruimtelijke ordenaars op dit moment verklaart ook de instrumentele benadering die gemeenten kiezen. Ze focussen op de instrumenten waarmee gemeenten straks moeten gaan werken, zoals het omgevingsplan en de omgevingsvisie. Gevraagd naar waar volgens hen het zwaartepunt van de implementatie ligt, kruisen de meeste respondenten eerst het ruimtelijk instrumentarium aan, daarna komen organisatorische inbedding en cultuurverandering aan bod. Het besef dat de stelselherziening doorwerkt in de cultuur en organisatie begint bij de organisaties te landen, zegt Forkink, maar ze zien niet hoe ze dat moeten vormgeven en het heeft nog niet de focus die het verdient.

Kennis onvoldoende

Verder is het kennisniveau over de Omgevingswet in de organisatie nog onvoldoende. Respondenten geven hun gemeente daarvoor het rapportcijfer 5. Ook budget is een punt van zorg. Uit de ingevulde scores blijkt dat de helft van de organisaties nog geen zicht heeft op de kosten van de voorbereiding op de Omgevingswet. Dat is begrijpelijk, vindt Forkink, maar ook zorgelijk, omdat bepaalde kosten, zoals het digitale omgevingsplan dat alle gemeenten straks moeten hebben, een behoorlijke investering kunnen vragen.’

Positief verrast

Ineke van der Hee, die als directeur van het programma Aan de slag met de Omgevingswet verantwoordelijk is voor de implementatie van de Omgevingswet, is positief verrast dat veel gemeenten al bezig zijn met de Omgevingswet en roept ook anderen daartoe op. Dat invoering van de wet onlangs is uitgesteld tot 2019, betekent niet dat gemeenten achterover kunnen leunen. ‘Het hele domein dat met de fysieke leefomgeving te maken heeft, moet aan de slag met de veranderingen. Nu is er nog voldoende tijd om je voor te bereiden, gebruik die tijd ook.’

Aandachtspunt

Dat de ruimtelijke focus en instrumentele benadering op dit moment domineert, ziet Van der Hee als een belangrijk aandachtspunt voor het implementatieprogramma. Het is nog niet te laat om gemeenten goed voor te bereiden op de cultuur- en organisatieveranderingen die nodig zijn, denkt zij. ‘We zitten in de bewustwordingsfase, waarin je nog geen goed beeld hebt van de effecten. De ervaring leert dat mensen aan het begin van een veranderproces denken: dat doe ik allemaal al. Je gaat pas zien wat er nodig is, als je de verandering daadwerkelijk doorleeft, in de verdiepingsfase. Wat helpt, is dat we binnenkort de AMvB’s hebben (uitvoeringswetten, red.), waarin gemeenten precies kunnen zien wat de wet van ze verwacht.’


share



uw reactie

Joost Pesch

Joost Pesch


connect