Actualiteiten Omgevingsrecht – Week 24 | 2022

Jurisprudentie Omgevingsrecht

 

Het vertrouwensbeginsel (ECLI:NL:RVS:2022:1697)

Op 21 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Edam-Volendam geweigerd een omgevingsvergunning te verlenen aan appellant om zijn perceel uit te breiden op een aangrenzend perceel. Deze uitbreiding zou betekenen dat de bakkerij op het perceel zou worden verbonden aan een pand op het perceel ernaast. Dit pand zou fungeren als o.a. personeelsruimte en op de binnenplaats zou een overkapping voor de koelcellen worden geplaatst. Volgens het college is dit bouwplan in strijd met een goede ruimtelijke ordening en zou dit inbreuk maken op een goed woon- en leefklimaat door onaanvaardbare geluidsoverlast.

Appellant voert aan dat de rechtbank en het college miskennen dat het bouwplan in overeenstemming is met een goed woon- en leefklimaat. De Afdeling is echter van oordeel dat de rechtbank terecht heeft overwogen dat het college voldoende heeft gemotiveerd dat het bouwplan in strijd is met een goed woon- en leefklimaat vanwege het risico op (onaanvaardbare) geluidsoverlast. Zo heeft het college haar oordeel niet enkel gebaseerd op de subjectieve vrees van omwonenden, maar ook op basis van een akoestisch onderzoek van een deskundige. Dit onderzoek heeft vastgesteld dat een goed woon- en leefklimaat niet kan worden gewaarborgd wegens het risico op geluidsoverlast.

Daarnaast voert appellant aan dat de rechtbank miskent dat hij een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel kan doen. Hierbij geldt: wie zich hierop beroept, moet dit aannemelijk maken. Dit doet appellant door te verwijzen naar een brief van het college van 22 februari 2018, waarin zij een ondubbelzinnige toezegging zou hebben gedaan. Het college nam in de brief echter een positieve grondhouding aan en noemde slechts enkele voorwaarden waaraan voldaan moet worden om te spreken van een goede ruimtelijke ordening. De Afdeling overweegt dat er geen toezegging of andere uitlatingen zijn gedaan of gedragingen zijn verricht waaruit appellant redelijkerwijs kon en mocht afleiden dat het college de omgevingsvergunning zou verlenen.

De Afdeling is derhalve van oordeel dat de omgevingsvergunning terecht is afgewezen. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.

 

Op de hoogte blijven van de laatste ontwikkelingen en actualiteiten in het omgevingsrecht? Ruimtemeesters houdt wekelijks de laatste jurisprudentie bij. Volg ons op LinkedIn of schrijf je in voor onze maandelijkse nieuwsbrief om niets te missen!
Hulp of advies nodig? Onze experts zijn er om te helpen! Neem contact met ons op. 

Klaar voor een nieuwe uitdaging? Bekijk de openstaande juridische vacatures:

Ondernemende Jurist
Senior Jurist Omgevingsrecht
Medior Jurist Omgevingsrecht
Medior Jurist Handhaving
Medior Casemanager Wabo
Junior Jurist
Juridisch Adviseur Omgevingsrecht

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Gepubliceerd op jun 21, 2022 en geschreven door:
Koen van Polanen

Koen van Polanen

Directeur / Juridisch Adviseur

Blijf op de hoogte en schrijf je in voor de nieuwsbrief

Nieuwsbriefinschrijving